nl nl en en

Voor niks gaat de zon op: zonder afspraken geen kapitaal

Geen belegger zou op dit moment geld moeten steken in de bouw van een systeem dat de temperatuur van de aarde regelt. Niet omdat de techniek onmogelijk is, maar omdat er niemand is die kan bepalen wanneer zo’n systeem aangaat, wanneer het uitgaat, en wie de rekening krijgt als het misgaat. Die vragen horen beantwoord te zijn voordat er gebouwd wordt, niet erna.

Het FD beschreef eerder deze maand hoe investeerders, filantropen en overheden geld steken in bedrijven die het klimaat willen afkoelen, en hoe wetenschappers oproepen tot een verbod. Dat verbod gaat over gebruik. Er ligt een eerdere vraag, en die is aan ons: wie financiert de ontwikkeling, en waarom eigenlijk?

Een gevolg onderdrukken is geen oplossing

Het gaat hier om het beïnvloeden van de hoeveelheid zonlicht die de aarde bereikt, meestal door deeltjes in de stratosfeer te brengen. Dat is iets anders dan CO2 uit de lucht halen. CO2-verwijdering grijpt aan bij de oorzaak van klimaatverandering. Zonlicht tegenhouden onderdrukt een gevolg, terwijl de uitstoot doorgaat en de oceanen verder verzuren. Het neemt geen probleem weg. Het houdt een probleem uit het zicht.

Onderzoek is iets anders dan bouwen

Voorstanders hebben één sterk argument. De opgave is groot, de uitvoering loopt achter, en een terugvaloptie hebben is beter dan er geen hebben. Dat argument pleit voor onderzoek. Het pleit niet voor het bouwen van een operationeel systeem, en al helemaal niet voor het bouwen ervan voordat is afgesproken wie het aanzet. Bedrijven in deze markt zeggen dat overheden daarover zullen beslissen. Dat veronderstelt precies wat ontbreekt: overheden die dat kunnen, en een kader dat hen daaraan houdt.

Wie begint, kan niet meer stoppen

Deeltjes in de stratosfeer werken alleen zolang je ze blijft aanvullen. Wie ophoudt, krijgt de opwarming die over decennia verspreid zou zijn in enkele jaren terug. Een systeem dat draait, moet blijven draaien, door regeringswisselingen, bezuinigingen en oorlogen heen. Dat is geen investering met een looptijd. Dat is een verplichting die we doorgeven aan mensen die er niets over te zeggen hebben gehad. En de gevolgen blijven niet waar ze worden veroorzaakt: wat deze deeltjes op lange termijn doen met regenval en luchtcirculatie, kunnen de huidige klimaatmodellen niet betrouwbaar voorspellen.

Twee keer vastgelopen bij de VN

Dat er geen internationaal kader is, komt niet doordat niemand het heeft geprobeerd. Zwitserland bracht de kwestie in 2019 als eerste naar de VN-Milieuvergadering. Dat voorstel haalde het niet. In 2024 probeerde het land het opnieuw, met een voorstel voor een internationale expertgroep die de technologie zou beoordelen. Tijdens de onderhandelingen bleef daar steeds minder van over, tot er niet meer dan een vrijwillige verzameling van bestaande wetenschappelijke kennis resteerde. Zelfs dat haalde geen overeenstemming. Zwitserland trok het voorstel in.

De weerstand kwam van twee kanten. Klimaatkwetsbare landen vonden de risico’s onaanvaardbaar en wilden niet meewerken aan een traject dat de techniek zou normaliseren. Enkele grote olieproducerende en westerse landen wilden de beoordeling juist beperkt houden tot natuurwetenschap, zonder de juridische, sociale en veiligheidsvragen erbij. Twee pogingen, twee keer vastgelopen. Wat er nu ligt is een moratorium uit 2010 zonder handhaving, en een regeling voor mariene technieken die nog niet eens in werking is.

Zolang er niets is, beslist wie betaalt

Wie wacht op een kader, kan dus lang wachten. Dat is geen reden om intussen door te bouwen. Het is een reden om intussen niet te financieren.

Want zolang die leegte bestaat, ligt de beslissing bij wie betaalt. Een klein gezelschap investeerders kan een ingreep mogelijk maken waarvan de gevolgen bij iedereen terechtkomen. Niemand heeft daar toestemming voor gegeven en niemand kan het tegenhouden.

Wat dit van beleggers vraagt

Het gesprek over een verbod gaat over staten en verdragen, en dat kost jaren. In die jaren wordt er gebouwd, met geld dat ergens vandaan komt. Beleggers hoeven niet op een verdrag te wachten om te bepalen wat zij financieren. Verantwoord beleggen gaat niet alleen over de vraag waar je geld heen gaat, maar over de vraag wie er beslist over de gevolgen. Bij deze technologie is dat antwoord nu: degene die de rekening betaalt. Daar nemen wij geen genoegen mee, en onze leden zouden dat ook niet moeten doen.

“Dat is geen investering met een looptijd. Dat is een verplichting die we doorgeven aan mensen die er niets over te zeggen hebben gehad.”

Nieuws